Het seizoen is begonnen

Na een paar wat magere trainingsweken (vooral qua fietsen), was het tijd om weer eens een wedstrijd te doen. De run-bike-run van Hilversum stond daarom op het program. Ik mag zelfs met de grote jongens meedoen, bij het team van Run2Day Arnhem (etc.). Dat is maar goed ook, want als ik individueel had meegedaan, dan was ik zeker niet naar Hilversum afgereisd.

Tijdens een autorit met de meest eloquente man van de Hellas-loopboost heb ik het reuze naar mijn zin, al krijg ik nog niet het gevoel dat ik straks een wedstrijd heb. Toch blijft dat niet alleen de tong het enige wapen is dat scherper wordt door het te gebruiken. Na het omkleden en warmlopen begint de zin wel te komen. Het weer is beter dan verwacht, en het startschot gelukkig niet zo hard. Mijn enige opdracht was om in eerste run een negatieve split te lopen. De eerste kilometers breng ik dus vrij kalm door. Het is druk op het bospad. Ongeveer halverwege de tweede (van drie) rondes loop ik in op wat groepjes. Een man of 10-15 worden weer ingehaald door mij. Alleen mijn teamgenoot Mischa weet te volgen. Dat is goed nieuws. Vrij comfortabel lopen we door de prachtige Hilversumse bossen richting de wisselzone. De echte snelle jongens zijn allang op pad. Ik heb een redelijke wissel en spring op de fiets.

Het valt mij meteen op dat ik niet zoveel kracht in mijn benen heb. Nu sta ik natuurlijk ook niet bekend als de mannelijke Ellis Ligtlee, maar een beetje meer power was aangenaam geweest. Al snel word ik door een aantal fietsers ingehaald, en ook Mischa verdwijnt al snel uit beeld. Tegelijkertijd gaat het gewoon niet harder vandaag, dus ik probeer de schade te beperken. Gelukkig is het maar een kleine twintig kilometer. Ik zie de ene Hellas-man voorbij en de andere dichterbij komen. Helaas passeert de een mij, terwijl mij dat bij de ander niet lukt. Ik denk aan Foucault en blijf positief.

Bij de wisselzone aangekomen klik ik per ongeluk mijn schoen uit de pedalen. Ongeconcentreerd. Ik loop half hinkend verder en doe dan toch mijn schoen met de hand uit. Ik zet mijn fiets weg en zet het op een lopen, mijn helm nog op mijn hoofd. Wacht! Die helm moet af! Snel doe ik mijn helm af en gooi hem in de berm, vlak voor een jurylid. Dat wordt natuurlijk niet gewaardeerd. Of ik de helm aan mijn fiets wil hangen. Ik trek een sprintje en doe een halfslachtige poging. De helm valt en ik ren weg, met een smekende blik naar het betreffende jurylid. Ik zie haar zuchten en naar mijn helm toe lopen. De schat.

Het begin van de laatste twee kilometers is moeizaam, met zere kuiten, maar gelukkig ook een klein groepje van drie jongens voor mij. Die kan ik wel pakken. Dat lukt al voor we het bos in lopen. Al snel hoor ik niemand meer achter mij. Voor mij nog wel een man of vier. Nummer vier wordt ingehaald, twee en drie volgen met nog zo’n 200 meter te gaan. In de laatste 100 meter doe ik nog een verwoede poging ook de laatste man in te halen. Vlak voor de finish, in een soort Quasimodo-achtige slangenmens pose glibber ik hem voorbij. 1-op-1 nooit verliezen, dat blijft belangrijk. Toch weer een kleine overwinning. Het seizoen is begonnen.

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *